Beschrijving:
Het gemaal van het polderwaterschap
Oost- en Westdongeradeel werd in 1931 onder Interbellum-architectuur gebouwd
en genaamd 'De Dongerdielen', zoals op de voorgevel staat vermeld. De ontwerper
is onbekend, maar het ontwerp valt toe te schrijven aan de polderopzichter
W.D. Booijenga uit Metslawier.
De bemalinginstallatie is in 1979 - 1980 volautomatisch geworden en de oorspronkelijke
elektromotoren zijn vervangen.
Het gemaal is gerenoveerd waarbij een betonnen vloer in de openingen van
de stroombogen is gelegd, een elektrisch krooshek reiniger is aangelegd
en de ramen aan de sluiskom zijde zijn vervangen (aluminium 1994).
Het gemaal heeft globaal een rechthoekig grondplan van drie traveeën
met aan elke korte zijde een verjongde travee, die correspondeert met de
functionele indeling: het grote middendeel, eigenlijke machinekamer, heeft
aan de ene zijde een entree met kantoorruimte en een archiefruimte eronder
een aan de andere zijde een behuizing voor de transformator en een kleine
werkplaats. De onderbouw van het gemaal, van stroombogen tot en met de plint,
is opgetrokken in roodbruine vuurmondstenen, de gevelwanden zijn gemetseld
met geelbruine bakstenen; de lintvoegen zijn terugliggend en de stootvoegen
platvol. De hoeken en de muurdammen risaleren ten opzichte van de eigenlijke
gevelwand, die als een gevellijst terug te springen. De gevels hebben tektonische
decoraties in graniet, zoals lekdorpels, dekzerken op de muurdammen en blokken.
In vier geveltoppen vlechtingen, de drie zadeldaken met grote overstekken
zijn belegd met zwarte, matgeglazuurde verbeterde Hollandse pannen; op de
machinekamer twee hoekschoorstenen. De ingangstravee is aan de zuidzijde
en heeft een granieten stoep tussen gemetselde voetstukken afgedekt met
granietblokken. De plint van vuurmondstenen is tot borstwering onder de
vensters opgetrokken. Het geheel staat onder een uitkragende granieten latei
met een waterhol. Boven de eenvoudige paneeldeur een gebeeldhouwde gedenksteen
met het gekroonde alliantiewapen van de gemeenten Oost- en Westdongeradeel
en het opschrift DONGER - DIELEN in contemporaine, ijzeren letters. Erboven
in het midden een vlaggenmast op granieten voet. In de geveltop twee tweelichtvensters.
In de west- en oostgevel van de entreetravee drie smalle tweelichtvensters.
De oostzijde, de naar de dijk gewende gevel van de machinekamer, is horizontaal
geleed door drie groepen van drie smalle, verticale meerruitsvensters met
ijzeren roedeverdeling. Aan de westzijde, de sluiskom zijde, bevindt zich
de inlaat met drie stroombogen. De gevel van de machinekamer is horizontaal
geleed door drie groepen van drie smalle, verticale twee lichtvensters met
aluminium roedeverdeling. In de noordelijke travee zitten aan de oostzijde
drie ijzeren tweelichtvensters. De noordzijde draagt een tamelijk gesloten
karakter door de ijzeren deuren van de transformatorcellen en, daarnaast,
de dubbele houtendeur naar de werkplaats. Alle deuropeningen staan onder
een uitkragende latei met waterhol. In de geveltop twee tweelichtvensters
aan weerszijden van een uitgemetselde penant.
Het INTERIEUR van het gemaal is tamelijk oorspronkelijk gebleven, behoudens
enkele roerende onderdelen. De binnenmuren zijn afgewerkt in schoon metselwerk
met een lambrisering in geel geglazuurde bakstenen met een groen geglazuurde
baksten rand. Alle deuren zijn de oorspronkelijk paneeldeuren en hebben
een eenvoudige segmentvormige decoratie aan boven- en onderzijde van het
paneel. In het kantoor een hoekschoorsteen. Onder het kantoor een archiefkelder
waar vijf oude gedenkstenen zijn ingemetseld, waarvan tenminste vier afkomstig
zijn van de oude sluis. In de machinekamer steen drie horizontale schroefpompen
van de firma gebroeders Stork & Co. Uit Hengelo opgesteld. Bij de pompen
hoort een koperen smeerset.
Bron uit: Rijksdienst voor de monumentenzorg.
Voor tekstuele aanvullingen of het opsturen van foto's (alleen in jpg-formaat)
klik hier